• Assez difficile
  • 3 Dagen tent
  • 6,187 M
  • 15 Dagen lodge
  • 4 Dagen hotel
  • 18 Dagen trekking

Introductie :

Het Rolwaling dal ligt vlak bij de grens met Tibet en wordt in het noorden gedomineerd door de heilige berg Gauri Shankar. Door de nabijheid van Tibet was het dal jarenlang gesloten voor de buitenwereld en er is weinig veranderd sinds Shipton gegrepen werd door de buitengewone geïsoleerdheid en schoonheid. Dit is een van onze populairste zware alpiene trektochten: de overgang van twee moeilijke bergpassen Yalung La (5200 m) en Tashi Labtsa (5750 m) en de beklimming van de Parchamo (6187 m).

In Jiri verlaten we direct de drukke paden en passeren de laatste dorpjes Serpakhasa en Dhungye voordat we op dag drie de bewoonde wereld verlaten en door sprookjesachtige rododendronbossen naar 4000 meter wandelen. De route loopt dwars over een aantal eenzame bergkammen en valleien tussen 3500 en 4500 meter. Na een lastige en steile afdaling (vast touw!) van de Yalung La bereiken we de zomernederzetting Na Gaon in de Rolwalingvallei. Vanwege de grote hoogte, gaan we verder in korte dagetappes. Langs het Tsho Rolpa-meer en door de steile rotsen langs de Drolambau-ijsval (opnieuw vast touw) bereiken we een vlakke gletsjer die tot in Tibet lijkt door te lopen.  De laatste zware etappe voert over de vergletsjerde bergpas Tashi Labtsa. Ons kamp ligt net over de pas en kijkt als een balkon uit over Solu Khumbu. Vanuit dit hoogtekamp (5600 m) kan een poging worden ondernomen om de Parchamo te beklimmen. Via Namche Bazar dalen we af naar Lukla en vliegen terug naar Kathmandu.

Informatie voor de Rolwaling Beklimming:

  • Moeilijksgraad : ***
  • Route: Rolwaling klimtocht (Yalung La, Tashi Labtsa, Parchamo)
  • Aantal dagen : 22
  • Hoogste kamp : 5600 m
  • Hoogste punt : 5750 m (6187 m)

Dag per dag schema Bergbeklimmen in Nepal : 22d Rolwaling Pachermo Peak

  • Dag 1:

    De tocht begint met een lange en enerverende busrit van Kathmandu naar Jiri in Oost-Nepal. Onderweg passeren we een aantal hoge kammen met prachtige uitzichten (onder meer op de Rolwaling Himal) gepasseerd, alsmede de twee grote rivieren Sun Kosi en Tamba Kosi (Kosi=grote rivier). Afhankelijk van de duur van de rit (minimaal 8 uur), zal besloten worden of in Jiri overnacht wordt of op de bergkam boven Jiri, de Patashe Danda (Danda=bergkam). Het laatste heeft de voorkeur, omdat de etappe van morgen dan minder lang is en er op de berghelling een prima kampplek is met schitterend uitzicht. De busrit is echter de bepalende faktor. (circa 8 uur + 1-2 uur, 2200m)

  • Dag 2:

    Allereerst loopt het pad licht stijgend naar de kam (2300m) en door een landschap van bergweiden en terrassen met tarwe, gerst, aardappelen, maïs en gierst, voert een korte afdaling naar Serpakhasa, een dorp hoofdzakelijk bewoond door Sherpa’s. Net voorbij het dorp is een beekje waaraan geluncht kan worden, terwijl de eerste rododendrons tegen de lucht afsteken. Een eerstvolgende plek bevindt zich pas zo’n 1½ uur verder.
    Voorbij het beekje begint een hier en daar steile klim van ongeveer een uur naar de Sailung Danda (danda = bergkam). Op 2600m wordt bij een paar gebedsmuren het hoogste punt bereikt. Hier vandaan is het nog ruim twee uur lopen naar Dhungye, door prachtige oerbossen met onder meer boomhoge rododendrons. We kamperen vlak achter de bezienswaardige Gompa (=kloostertje) van het dorp, die wellicht tegen een geringe donatie de deuren opent. (5 uur, 2650m)

  • Dag 3:

    De komende dagen staan in het teken van klimmen. Met het oog op een betere acclimatisatie worden de etappes bewust kort gehouden. Het pad loopt door prachtig bos met veel rododendron (vooral in het voorjaar onwaarschijnlijk mooi!!!) en hier en daar langs een Kharka (=open plek of weide). Het prettige van de klim is, hoewel hier en daar steil, dat er telkens weer vlakkere gedeelten zijn om op adem te komen. Al is het uitzicht vanaf de open plekken naar het noorden en oosten mooi, vooral Numbur (6956m) en Bigphera Go Shar (6729m) springen in het oog, vanaf de lunch- en kampplek op de Patibara La (La=pas) wordt het echt adembenemend (3 uur, 3360m)!

  • Dag 4:

    Ook deze etappe is bewust kort gehouden. Het pad klimt steil over de kam van de Chordung Danda naar een topje zonder naam (3800m), waar het pad onderdoor kruist naar de kampplek aan de noordzijde van het topje. Het is strikte noodzaak de klim naar het hoogste punt uiterst rustig aan te doen, want de tocht begeeft zich nu al tot aan bijna 4000m! De kampplek is wederom van een uitzonderlijke schoonheid! Wie geen last heeft van de hoogte kan vanuit het kamp zelfs naar het topje van de Baramji (4025 m!) wandelen. (2-3 uur, 3700m).

  • Dag 5:

    Vanaf de kampplek daalt het pad een klein stukje naar de pas, daarna daalt het verder langs de zuidoostflank van de Baramji door prachtig bos. Halverwege de flank begint het pad weer te stijgen naar de kam, die zich naar het noordoosten uitstrekt. Wederom op de kam aangekomen (1½ uur) is het uitzicht verbluffend: van Gosaikund in het westen reikt de blik via de Langtang en Jugal Himal in het noordwesten via de achtduizender Shisa Pangma tot de Rolwaling-reuzen Gaurishankar (7145m) en Menlungtse (7180m) in het noorden!
    Inmiddels heeft de nabije wandelomgeving zich volledig veranderd: geen bos meer, slechts lage azalea-achtigen staan verspreid tussen met mos begroeide rotsblokken en stenen van allerlei afmetingen. De trektocht loopt vanaf nu door de ruige natuur! De oosthelling van de kam wordt licht stijgend getraverseerd naar een volgende col, waarna aan de noordwestkant verder wordt gewandeld tot de lunchplek (3 uur).
    Na de lunch volgt een korte inspannende klim van zo’n 250m naar een mooie pas met chortens (grote steenmannen) op ongeveer 4200m hoogte. De zuidoostflank van de bergrug wordt nu getraverseerd tot een tweede vergelijkbare col. De helling waarlangs het pad loopt, heeft hier en daar loodrechte afgronden die om enige voorzichtigheid vragen. Op de tweede col valt de blik opeens in de diepe ruige vallei waarin wordt afgedaald richting de herdersweide Yale. Het pad voert links aan Yale voorbij naar de iets hoger gelegen kampplek. Vanaf hier is de Honabu La, die morgen overgestoken moet worden reeds te zien. (6 uur, 3950m)

  • Dag 6:

    Direkt ‘uit bed’, uiteraard na het ontbijt, begint de klim naar de Honabu La, het hoogste punt van de dag. De klim is niet steil, maar vergt vooral energie doordat de col verder weg is dan hij lijkt. Na ongeveer 2½ uur levert de pas (4400m) weer een verbluffend mooi uitzicht op naar het westen en de Gaurishankar. De afdaling is slechts kort een beetje steil en loopt al gauw uit in een mooi vlak dal, waar we lunchen en kamperen tussen een groep grote rotsblokken; Honabu Kharka. (4 uur, 4050m)

  • Dag 7:

    Ook vandaag is een korte dag, zodat de hoogteaanpassing aan zo’n 4000m al zeer behoorlijk wordt. Vanaf Honabu Kharka leidt het pad steil stijgend naar een kam ten noordoosten van de vallei. De klim gaat over gras en rotsterrein, duurt ongeveer 1½ uur en eindigt op 4200m. Zorgt de ademhaling er nog niet voor, dan is in ieder geval het uitzicht wederom om even bij stil te staan! De afdaling loopt in oostelijke richting, eerst steil en later vlakker, naar alweer een schitterend ruige arena met een fraaie waterval. Deze kampeerplek heet Tsobum Kharka. ( 3 uur, 4350m)

  • Dag 8:

    Als iedereen zich sterk genoeg voelt, steken we vandaag twee kammen over in plaats van één. Het pad loopt langs de noordkant van de vallei omhoog door gemengd terrein; losse stenen, gras en grote rotsblokken, maar altijd blijft het spoor duidelijk. We komen langs een heilig meertje. Een paar steile passages kunnen met oude sneeuwresten lastig zijn. Op de pas, een breed graszadel met rotsen, is het goed toeven met een schitterend uitzicht op de Nubre en de Nubre-ijsval (2½ uur, 4700m). In een uur afdalen naar het kamp in de volgende vlakke vallei, waar de lunch gebruikt wordt (4 uur, 4400m).Na de lunch moet een tweede kam worden overgestoken. Het spoor is vaag en niet altijd even gemakkelijk. Voordat de pas wordt bereikt, moet er een steile geul met veel los puin getraverseerd worden. Voorzichtigheid is geboden (vooral als er sneeuwresten liggen)! Achter deze lastige passage leidt een korte steile klim naar de pas (1½ uur, 4500m), waar de bergen van de Rolwaling weer wat dichterbij liggen. Na twee uur en een eenvoudige afdaling wordt op 4100m een kampplaats bereikt. Het is ongelooflijk, dat zich in deze wilde bergnatuur een perfekt vlakke weide bevindt. Naar het westen reikt de blik tot ‘lager Nepal’ en oostelijk ligt het nauwe dal naar de Yalung La. (6 uur, 4100 meter)

  • Dag 9:

    Een soms goed pad en later weer vaag spoor leidt aan de rechterkant van de vallei over losliggende rotsblokken en door struiken naar een oude morenewal, rechts van het beekje dat de bovenloop van de Khare Khola is. Uiteindelijk wordt de morene vlakker en valt de blik op een kleine vlakte recht onder de Ramdung-gletsjer. Op enkele vlakke, zanderige plekken op de morene worden de tenten opgezet. Het belooft de eerste koude nacht te worden. (3 uur, 4600m)

  • Dag 10:

    Vandaag wacht ons met de klim naar de Yalung La een lange en alpiene dag, waarvan de zwaarte erg afhangt van de omstandigheden. Het uitzicht op de spitse Nubre met z’n gletsjers wordt steeds imposanter (de veel vlakkere Ramdung Go ligt onzichtbaar, achter de Nubre)! Na ongeveer een uur komt een brede, zeer steile geul in zicht. Het spoor slingert zich door deze geul lastig (afgrond!), over vele losse rotsblokken en stenen, omhoog naar een zadel (ca. 4900m). Een prachtige plek voor een korte rustpauze. Door twee komvormige valleitjes, afgewisseld met steile passages bereiken we na zo’n 2 uur wederom een soort zadel. Wat misschien een grotere ‘stimulans’ zal zijn, is het zicht op de Yalung La, echter nog wel een uur lastig verder klimmen. Eerst maken we nog een lange bocht over een steile puin- en sneeuwhelling voordat we toe zijn aan de laatste steile meters. Soms kan het gebruik van een touw als veiligheidsmaatregel hier noodzakelijk zijn. Op de uiterst smalle Yalung La, zal de adem stokken. Het uitzicht vanaf de pas naar het noorden is werkelijk adembenemend, machtige bergreuzen van rots en ijs vormen het noordelijke decor: Kang Nachugo (6700m), Chobutse (6700m), Dragkar Go (6800m) en zelfs – in het uiterste noorden – Cho Oyu (8201m), het is een moment om niet gauw te vergeten! Helaas komt aan het moment abrupt een einde als de tijd daar is om aan een vast touw af te dalen over een 60 graden steile rots-, puin-, ijs- en sneeuwhelling… Voorzichtigheid en opperste concentratie zijn hier wederom geboden! Na zo’n 150m wordt het terrein vlakker en slingert het spoor verder naar lagere regionen. Bij goede omstandigheden zal helemaal worden afgedaald naar Na Gaon. Wordt dat te ver, dan kamperen we op een prachtige kharka op 4800m. De afdaling leidt hier en daar steil, afwisselend over een redelijk pad en rotsblokkenpassages, naar de bodem van de Rolwaling-vallei. De hoge bergreuzen verdwijnen uit zicht, slechts Kang Nachugo en de machtige zuidwestflank van Chobutse blijven fascineren. Lager aangekomen valt de blik op de ontelbare stenen muurtjes van Na, het zomerdorp van de Rolwalingbewoners. De muurtjes vormen de grenzen van stukjes land, waar de eigenaren ‘s-zomers hun geiten en yaks bijeen kunnen drijven (4200m 7-8 uur).

  • Dag 11:

    Vrije dag. Na Gaon is een uitstekende plek om bij te komen van de afgelopen dagen. Het dal is vrij breed, er is veel zon en het is er dus goed toeven. Tijd om het lichaam weer eens grondig te reinigen, de was te doen, niks te doen, etc. etc. Uiteraard kan, indien gewenst, ook het lager gelegen Sherpa-dorp Beding met gompa (=klooster) bezocht worden (3700 m).

  • Dag 12:

    Het kamp wordt slechts 3 uur verderop opgezet op de ‘bergweide’ Chukyima Kharka, in een geul tussen de berg en de zuidelijke morenedam van het natuurlijke stuwmeer Tsho Rolpa. Liefhebbers kunnen de wandeling een stuk langer maken. Links voor de machtige Chobutse is door de Ripimo Shar-gletsjer een enorm dal uitgesleten. Over de (orografisch) rechter morenerug kan een schitterende wandeling worden gemaakt tot meer dan 5000m. Het is wederom een prima mogelijkheid om de Rolwalingketen verder te exploreren. In het zuiden zien we het Tsho Rolpa en de Yalung La. (3 tot 6 uur, 4550m)

  • Dag 13:

    De dagen naar het hoog(s)tepunt van de tocht, de Tashi Labtsa, zijn kort. Op deze manier wordt voorkomen dat er te snel te veel hoogtemeters worden overbrugd. Een kolossale puinheuvel achter het kamp herinnert aan het moment dat een deel van de berg is ingestort. Het steile, soms glibberige pad loopt over de top van de lawinekegel. Het is een forse klim, maar onderweg worden de uitzichten steeds imposanter. Terugblikkend strekt het Tsho Rolpa zich in volle lengte uit met daarboven Kang Nachugo en Chobutse. Zelfs is aan het eind van het dal de zuidtop van de Gaurishankar nog te herkennen. Vooruit reikt de blik van Dragkar Go tot Bigphera Go Nup en rechts de Chugima Go. Een korte afdaling leidt naar een zandvlakte met wat gras. Volgens sommigen heet de plek Khabuk volgens anderen Kyudig Kongma. Wanneer hier water is, kan hier eventueel gekampeerd worden. (4 uur, 4700m)
    We betreden de wilde bergarena. Het ruigste gedeelte van de tocht begint. Een korte lastige afdaling langs de morene (pas op met het lostrappen van stenen!) voert naar de Trakarding-gletsjer, waar we in de luwte van een gletsjerkom lunchen. Steenmannen wijzen de minst omslachtige route over de puinheuvels die op het ijs liggen. Aan de zijkant van de gletsjer is het noodzakelijk om goed naar boven te blijven kijken, de pas wat te versnellen en zo nodig waarschuwingen te roepen. Hier vallen regelmatig stenen! Bij Dzobo, een veilige plaats aan de voet van de Drolambau-ijsval en het Bigphera-massief, zetten we het kamp op en gaan in deze grootse atmosfeer een koude nacht tegemoet! (7-8 uur, 4850m)

  • Dag 14:

    Hoogstwaarschijnlijk de zwaarste en lastigste dag van de gehele tocht, niet zozeer door de lengte alswel door de hoogte die, niet bepaald over gemakkelijk terrein, wordt bereikt. Vanuit het gletsjerkamp leidt een vaag steenmannenspoor naar de enorme rotsopbouw naast de ijsval van de Drolambau-gletsjer. Hoewel het op het eerste gezicht onmoglijk zal lijken, kun je door deze onoverzichtelijke rotsmassa toch naar boven klimmen. Het zal erg afhankelijk zijn van de omstandigheden (sneeuw, ijs, losse stenen) hoe lastig de passage is. Op enkele passages kunnen vaste touwen worden aangelegd. Voor de veiligheid vertrekken we vroeg, terwijl het nog stevig vriest. Aan het eind van een geul met veel losse stenen bereiken we de bovenkant van de rotsopbouw en daarmee ook de Drolambau-gletsjer.
    Na deze enerverende 2½ à 3 uur zijn de problemen voorbij: de weg naar de Tashi Labtsa ligt open! Terwijl het uitzicht en de sfeer in deze ongenaakbare bergwereld overweldigend zijn, kan op de nu vlakke gletsjer een rustpauze met lunch ingelast worden. Het is nog slechts een vlakke wandeling met hier en daar een korte stijging naar het gletsjerkamp recht onder de Tashi Labtsa, de Parchamo en de imposante graniettoren van de Tengi Ragi Tau. Een verdere rondblik reikt tot alle hoge bergtoppen rondom de Drolambau-gletsjer en tot de bergen op de grens van Nepal met Tibet! (5 uur, 5350m)

  • Dag 15:

    De dag van de grote oversteek van Rolwaling naar Khumbu en misschien wel de inleiding van de beklimming van de Parchamo. Direkt uit het kamp stijgt het spoor matig steil richting Tashi Labtsa. Het terrein bestaat eerst uit losse stenen, bijeengehouden door sneeuw- en ijsbandjes. Hogerop zal hoofdzakelijk over sneeuw en ijs geklommen moeten worden. Langs een kort, maar steil ijsflankje (stijgijzers!) bereiken we het zijdal dat tussen de hoog optorenende zuidwand van de Tengi Ragi Tau en de Parchamo door naar de Tashi Labtsa voert. Hoewel de blik verlangend naar het hoogste punt van de pas zal gaan, loont het de moeite achterom te kijken: de zon voorziet de bergtoppen rondom de Drolambau-gletsjer langzamerhand van een prachtige rood-rose gloed. Na zo’n 2½ uur is het moment daar: de pas is bereikt, een moment om even bij stil te staan als de omstandigheden het toelaten!!! Aan de oostelijke horizon staan de toppen van Khumbu en ligt het dal waarin afgedaald wordt. Gekampeerd wordt hoogstwaarschijnlijk in het zogenaamde ‘cave-camp’ ofwel Tashibug aan de oostzijde van de pas. (4 uur, 5600m) Eventueel zal afgedaald worden richting Thengpo indien er factoren zijn die dat vereisen.

  • Dag 16:

    Deelnemers met voldoende alpiene ervaring, die bovendien geen last van de hoogte hebben, kunnen – afhankelijk van weer en de omstandigheden – proberen om de Parchamo (6187 m) te beklimmen! Het is de sirdar die uiteindelijk beslist of en wie er omhoog gaat, want de flanken van de Parchamo zijn veertig tot zestig graden steil en vragen om technisch klimmen met stijgijzers en pickel (ook omlaag!).
    De deelnemers die geen toppoging doen, dalen al vast af naar Thengpo Kharka. Als de omstandigheden dit toelaten, zullen ook de topgangers ’s middags nog afdalen naar dit kamp, maar bij de beslissing om al dan niet een tweede nacht in Cavecamp te overnachten staat de veiligheid voorop! (hiervoor kan de verschuifbare reservedag op dag 19 gebruikt worden).De afdaling begint namelijk met een traverse onderlangs de oostwand van de Tengi Ragi Tau, waaruit de intense zonnestraling geregeld stenen doet lossmelten die bij de korte passages van drie goten voor gevaarlijke momenten kunnen zorgen. Vóórdat de zon in de oostwand schijnt, moet de afdaling reeds aangevangen zijn en zo nodig worden er vaste touwen gebruikt. Soms is het ook mogelijk om midden over de gletsjer over een zeer glibberige, met losse stenen bezaaide ijshelling af te dalen (stijgijzers!), maar of deze veiliger variant mogelijk is, hangt sterk af van de omstandigheden.Daarna moet nog zo’n 300m over losliggend puin worden afgedaald alvorens het vlakkere gletsjergedeelte wordt bereikt. Het lastigste deel van de dag is nu achter de rug, al blijft het op de steile ijshellinkjes met losliggend puin oppassen geblazen! Na 2 uur geconcentreerd afdalen, bereiken we eindelijk de morene, maar het vage pad pad over losliggende stenen en rotsblokken loopt al niet veel gemakkelijker, al zijn verradelijke ijspartijen nu passé. Let op: het kortste pad loopt over de noordelijke (orografisch linker) berghelling en niet langs de steenmannetjes aan de rechterzijde. De vallei wordt steeds groener en we slaan het kamp op bij Thengpo Kharka. (4 uur, 4600 meter)

  • Dag 17: Reservedag
  • Dag 18:

    Voor het eerst in vijf dagen bereiken we weer een dorpje: Thengpo. Het contrast in deze vallei is enorm. De zuidgerichte hellingen zijn glooiend en groen; de noordwanden daarentegen vrijwel loodrecht en vele honderden meters hoog, waar zelden of nooit de zon schijnt. Het zeer eenvoudige pad over de zuidhelling van de vallei geeft alle mogelijkheid om al wandelend na te mijmeren over de tocht. Boven Thame komt een van de prachtigste Himalaya-panorama’s in beeld: van rechts naar links zijn het de Tamserku, de dubbeltop van Kang Tega, de spitse piramide Charpati (=vierzijden) Himal en de Ama Dablam, die ‘op zijn schouder’ de 8500 meter hoge Makalu torst . De bergen van het Khumbu-gebied zijn schitterend. Voordat de kampplaats in Thame wordt bereikt loont het nog de moeite om het grote klooster te bezoeken met een bijzonder fraaie gebedsruimte. Thame is een redelijk geciviliseerd dorp met vele golfplaten-daken-lodges en een Oostenrijkse waterkrachtcentrale. Het ruige, afgelegen gedeelte van de trektocht is definitief ten einde! (5 uur, 3800m)

  • Dag 19:

    Hoe verder we doordringen in de bewoonde wereld, hoe breder het pad wordt. We dalen af naar Thomde. De vallei wordt steeds groener met vooral naadbomen. Telkens weer moet er kort geklommen en afgedaald worden, hoewel het pad gemiddeld op zo’n 3500m loopt. Achter ons hebben we en doorkijkje op de Tashi Labtsa en de Parchamo. Uiteindelijk is de laatste heuvelrug bereikt waarachter het bekende Sherpa-handelscentrum Namche Bazar ligt (3 uur, 3450m).
    In en rondom Namche Bazar is voldoende te bezichtigen, zoals: de Tibetaanse (zaterdag)markt bij de stupa, souvenirwinkels, bakkerijen, het Sherpa-museum (met expositie klimgeschiedenis Everest) en het National Park Headoffice (met expositie). Wie zich fit voelt, kan een rondwandeling maken naar het hogergelegen Khumjung en het Everest View Hotel. Wie Mount Everest en het verdere verloop van de tocht wil zien zonder ver te stijgen, maakt een kans bij het National Park Headoffice (achter het legerkamp).

  • Dag 20:

    Verschuifbare reservedag. Tijdens het hoogste gedeelte van de tocht hangt de uiteindelijke dagindeling sterk af van de omstandigheden. Er zit daavoor voldoende speling in het programma, maar eventueel kan deze verschuifbare reservedag ook eerder worden gebruikt (bijvoorbeeld na de klimpoging Parchamo).
    Hebben we deze extra dag nog niet gebruikt, dan kunnen we nog een dag in Namche Bazar blijven of de lange etappe van dag 20 over twee dagen verdelen.

  • Dag 21:

    Over het brede pad van de Everest-trek wordt afgedaald tot in de vallei van de Dudh Kosi (=Melkrivier), waar via hangbruggen steeds weer van oever wordt gewisseld. De langste hangbrug ligt bij Phakding. We hebben de checkpost van het Sagarmatha National Park (trekking-permit tonen), dan al weer gepasseerd. Vanaf Ghat begint het pad met de tegenklim naar Lukla. In Lukla zijn veel lodges en het is er druk vanwege het vliegveld. ‘s Avonds kan de Nepalese begeleiding in het zonnetje worden gezet, want van de meesten moet afscheid worden genomen; zij lopen terug naar Jiri. Al is dit jammer, toch levert dit meestal een feestje op, waarbij gezongen en gedanst wordt (9 uur, 2750m).

  • Dag 22:

    Vanaf Lukla wordt er teruggevlogen naar Kathmandu. Het is waarschijnlijk dat er een paar uur gewacht moet worden op een vliegtuig dat vanuit Kathmandu komt. Het is een hele belevenis om de gang van zaken op dit vliegveldje mee te maken. De vlucht van Lukla naar Kathmandu duurt ongeveer drie kwartier en is adembenemend. Nog één keer zijn de Himalayareuzen van dichtbij te zien en het slingerende pad over de bergkammen, de eerste 7 dagen gelopen, glijdt onder de vleugels voorbij. Het is een unieke afsluiting van een prachtige wandeltocht. Een enorm contrast is het om na de rust in de bergen weer terug te keren in de drukte van Kathmandu. Gelukkig is en blijft de tuin van het Hotel Fuji een oase van rust in deze drukte!!! Als alles goed is, is hier een indrukwekkende Himalaya-ervaring ten einde. Het zal geen tocht geweest zijn zonder moeilijke momenten, spanning, kou en indringende ervaringen. Het zal juist daardoor zijn dat een deelnemer deze tocht niet snel zal vergeten!

Beste seizoen

Beste seizoen
van maart tot november

Inbegrepen:

  • Pickup van luchthaven en transport naar hotel
  • Volledige tentuitrusting met eettent, slaaptent en keukentent.
  • 3 maaltijden per dag, bereid door een van de beste bergkoks van Nepal.
  • Officiele senior NMA Berggids
  • Gelicentieerde drager(s)
  • Verzekering, uitrusting voor gids en drager(s)
  • Bijdragen aan het pensioensfonds van de medewerkers
  • Sightseeing in Kathmandu met gids
  • Permit voor Sagarmatha National Parc
  • Lokaal vervoer en vliegtuigticket naar en van Lukla
  • Binnenlandse luchthaventax
  • Accomodatie en eten in guesthouse tijdens de trekking

Niet inbegrepen:

  • Persoonlijke verzekering
  • Alcoholische dranken
  • Tips voor gids en/of drager(s)
  • Internationale luchthaventax (1700Rs = 20€)
  • Eigen uitrusting voor deze trekking en beklimming Pachermo Peak

Trip Customization

Al onze programma’s zijn slechts een voorbeeld van wat mogelijk is. Himalayan Leaders heeft sinds 1989 (!) ervaring in het organiseren van op maat gemaakte reizen. Contacteer ons daarom vrijblijvend voor jouw persoonlijk wensprogramma !

Heb je een vraag over deze reis ?

Stel ons een vraag

Heb je een vraag over deze reis ?

Stel ons een vraag

Feedback per klant

OVERALL RATING: 0.0
  • Alle velden met een * dienen ingevuld te worden